Het heet dat de financiële crisis in Europa in 2012 op zijn hoogtepunt was. Sindsdien hebben we kleine stapjes voorwaarts gezet. Maar is die vooruitgang reëel of gezichtsbedrog? Je zou bijna aan het laatste denken, als je kijkt naar recente berichtgeving over grote Europese banken. Standard Chartered en Credit Suisse gaan alsnog hun kapitaalsbuffers ophogen. In de loop van dat proces gaan ze 15 000 banen schrappen. Deutsche Bank gaat ook 9000 banen schrappen en trekt zich terug uit tien landen. De laatste in de rij is het Italiaanse UniCredit, dat maar liefst 18 000 banen in de komende jaren gaat schrappen. Er lijkt geen einde te komen aan de rampspoed.
Al die berichten wijzen er niet op, dat het Europese bankwezen in topconditie verkeert. Waarom duurt het eigenlijk zolang voordat Europese banken ook de laatste resten van de crisis van 2008 van zich af weten te schudden? Een antwoord zou kunnen zijn, dat er binnen het Europese bankwezen een groot onvermogen aanwezig is om de juiste beslissingen te nemen. Dat zal wel een rol spelen, maar het is niet de enige verklarende factor!
Het valt niet te ontkennen dat Europese banken pas laat begonnen met herstructureren. Dat steekt schril af bij de banken in de Verenigde Staten. Maar die laatsten konden terugvallen op een overheid die binnen enkele dagen met een uitgewerkt plan voor het herkapitaliseren van de sector op de proppen kwam, het zogeheten Trouble Asset Relief Plan. In Europa was en is er niets wat een dergelijk Amerikaans initiatief hier mogelijk maakt! En dus bleef het behelpen voor een sector die verhoudingsgewijs toch al niet zo sterk was. De bankbalansen waren meer opgerekt dan die van de jonge neefjes aan de overkant van de plas en ook met de kapitaalbuffers was het treurig gesteld. Dat is nu wel allemaal beter, maar ook daar kun je vraagtekens bij zetten. Banken zijn hun werkterrein gaan inkrimpen en hun balansen gaan verkorten. Het versterken van de buffers was echter eerder uitzondering dan regel!
Een deel van de problemen ligt echter ook bij de toezichthouders. Was het toezicht tot aan 2000 veel te laks, daarna lijkt het enigszins doorgeslagen naar de andere kant. De regelgeving op het gebied van gedrag of eigen vermogen is nu vaak strikter dan in de VS en in Azië. Europese banken klagen niet ten onrechte dat die regelgeving vaak ook nog zeer complex is. Er is regelgeving op landelijk, maar ook op Europees niveau. Het is goed voorstelbaar dat daar wel problemen uit moeten voortvloeien. Met andere woorden, het ontbreekt Europa aan een geharmoniseerde markt. Weliswaar heeft de ECB veel goed werk gedaan, maar nog steeds zijn nationale overheden geneigd het internationaal werkend bankwezen bekrompen nationale regels voor te schrijven. Die beperken zich tot de landgrenzen en daarmee basta! Het is wachten op de Capital Markets Union. Maar tot dan toe blijft het qua regelgeving behelpen!
Er zitten onmiskenbare nadelen aan een zwak bankwezen. Zo is de sector van vitaal belang voor de economie van Europa. Veel bedrijven zijn aangewezen op bankkrediet. Slechts een kwart van het Europese bedrijfsleven doet regelmatig een beroep op de kapitaalmarkt tegen 75% in de VS. Dat heeft ten dele te maken met de structuur van het Europese bedrijfsleven. In Europa heeft 90% van de bedrijven minder dan 10 werknemers, tegen 50% in de Verenigde Staten. Al die kleine bedrijven hebben geen toegang tot de kapitaalmarkt. Ze kennen de weg ernaar toe niet. Zwakke banken, te weinig krediet en te weinig groei. Europa lijkt in deze vicieuze cirkel beland. Zonder een gezonde economische groei kan het Europese financiële systeem nog veel langer dan ons lief is, zwak blijven!
Voor beleggers blijft het dus oppassen. Banken hebben vaak uitnodigend lage waarderingen. Uit het bovenstaande mag u afleiden dat die lage waardering een duidelijke oorzaak heeft. De bank is nog niet op krachten. Beurshalte.nl zal daarom regelmatig berichten over de gezondheid van ons financieel systeem. Als u op de hoogte wil blijven, dan kunt u zich abonneren op onze gratis nieuwsbrief!
