Op 24 april schreef Breurshalte.nl dat pariteit tussen dollar en euro nog steeds tot de mogelijkheden behoorde. Als voorwaarde voor die pariteit hebben we genoemd, dat de economische data uit de VS niet mochten tegenvallen:
Lees hier nogmaals he artikel van 24 april jl.:
http://beurshalte.nl/blog/is-pariteit-tussen-euro-en-dollar-nog-steeds-mogel/
Inmiddels is de maand mei aangebroken en in de eerste week van deze nieuwe maand maakte de euro een stevige comeback ten opzichte van de dollar. De gemeenschappelijke valuta steeg met maar liefst 3% in waarde om bijna $ 1,12 aan te tikken. Over de hele maand april kwam de waardestijging van de euro uit op 4,6%. De was de eerste stijging sinds juni 2014 en de sterkste sinds september 2010.

Het herstel van de euro is zowel van Amerikaanse als van Europese makelij. Op het oude continent kwam er een einde aan een periode van vier maanden, waarin de inflatie alleen maar afnam en deflatie onafwendbaar leek. Het omkeren van deze trend lijkt een eerste belangrijk succes van het opkoopprogramma van de ECB te zijn. Dat programma behelst dat er maandelijks € 60 miljard in de Europese economie gepompt wordt. De voorzichtige opleving van het prijspeil ging gepaard met een forse stijging van de rente op de Duitse Bund en met de val van de Europese koersen.
De rente op de Bund schoot in enkele dagen tijd met maar liefst 30 basispunten omhoog. Daarmee is de rente nagenoeg terug op het niveau van het begin van monetaire verruimingsprogramma. De markt wil vooralsnog geen al te grote waarde hechten aan dit herstel. Er lijkt eerder sprake van een technisch herstel. Er mag enige opleving van de inflatie zijn, maar daar is dan ook alles mee gezegd. Er is evenmin sprake van een duidelijke verbetering van de groeiverwachting in Europa. Het is echter misschien ook wel een uiting van het besef in de markt, dat een negatieve rente nergens toe dient en geen logische onderbouwing kent. Als dat zo is, dan moet de rente wel omhoog. Dat zal niet in een hoog tempo gebeuren, want zowel de Bank van Japan als de ECB blijven voorlopig grootschalig verruimen.

De kans dat de euro zijn opmars voortzet, wordt alleen maar groter als de FED de beoogde renteverhoging gaat uitstellen of in ieder geval gaat vooruitschuiven in de tijd. De kans daarop is in de eerste week van mei behoorlijk toegenomen. Uit de economische data die vrijkwamen steeg het beeld op van een Amerikaanse economie die behoorlijk vaart aan het verminderen is. Over het eerste kwartaal kwam het uiterst magere groeicijfer van 0,2% gerold. Dat was ver beneden elke verwachting. Het beeld van een economie die aan vaart verliest, werd bevestigd door de Index van Inkoopmanagers in de Industrie. Die was voor de tweede maand op rij blijven steken op 51,5. Er is nog groei, maar daar is alles mee gezegd.
De Fed houdt er voorlopig de moed in en spreekt over tijdelijke factoren, zoals daar in 2014 ook al sprake van was. Beleggers houden het voorlopig voor gezien en hebben de valuta massaal van de hand gedaan. Als de signalen uit de VS niet snel verbeteren, dan kan de euro zijn opmars nog wel even voortzetten. Mocht de gemeenschappelijke valuta door het niveau van € 1,13 heen breken, dan ligt een stijging naar $ 1,16 in het verschiet. Van pariteit is dan absoluut geen sprake meer. Voorspellen is moeilijk, juist omdat het de toekomst betreft. Dat geldt momenteel meer dan ooit voor de valutamarkten. De waarheid van gisteren, is de leugen van vandaag. Beleggers die in valuta’s willen beleggen, dienen zich terdege bewust te zijn van de huidige volatiliteit op die markten.
